Je rijdt elke dag naar het werk. Misschien een halfuur heen, een halfuur terug. Vijf dagen per week, veertig weken per jaar. Heb je al eens uitgerekend wat dat je kost aan de pomp? Met benzineprijzen die opnieuw boven de 2 euro per liter pieken, is dat geen overbodige vraag. Want terwijl jij tankt, rijden steeds meer Belgen voorbij aan het tankstation, richting de laadpaal. En dat heeft een heel goede reden.
Allianz Research analyseerde de Europese automarkt grondig en de conclusie is verrassend helder: elektrisch rijden is niet langer een luxe voor early adopters. Het is stilaan de slimste financiële keuze voor de doorsnee bestuurder. We zetten de cijfers voor je op een rij.
Waarom de benzineprijs jou meer kost dan je denkt
Autokosten zijn sluipmoordenaars van je budget. Niet alleen de aankoop, maar alles eromheen: brandstof, verzekering, onderhoud, herstellingen. In Frankrijk en Duitsland, landen die qua rijgedrag sterk vergelijkbaar zijn met België, slokt dat gemiddeld 7 a 8% van het jaarlijkse beschikbare inkomen op. Voor gezinnen met een lager inkomen loopt dat zelfs op tot 11% tijdens periodes van energieprijspieken.
En die pieken komen steeds vaker. De recente spanningen in het Midden-Oosten joegen de olieprijs met 30% omhoog. Resultaat: benzineprijzen boven 2 euro/liter, zoals we die voor het laatst zagen tijdens de energiecrisis van 2022. Elke keer dat je tankt, voel je het. Maar wat als je dat gewoon niet meer hoefde te doen?
Hoeveel goedkoper is elektrisch rijden precies?
Hier worden de cijfers concreet. Bij een benzineprijs van 2 euro/liter kost het rijden op fossiele brandstof jaarlijks 7 a 8 keer meer dan rijden op elektriciteit, voor een vergelijkbaar voertuig, op basis van de meest efficiënte modellen. Zelfs voor de recente prijspiek, toen benzine tussen 1,50 en 2,00 euro schommelde, was de verhouding al 5 tot 7 keer in het voordeel van de elektrische wagen.
Afhankelijk van je land en je elektriciteitstarief kan dat voordeel oplopen tot een factor 14. Zelfs in het minst gunstige scenario blijft het een substantiele besparing. Vertaald naar koopkracht: de gemiddelde West-Europese bestuurder wint er 4 a 5% inkomen per jaar bij. In een tijd van stijgende prijzen is dat niet niks.
Dat voordeel hangt bovendien af van hoe en waar je laadt. Thuisladen is doorgaans het voordeligst, zeker als je zonnepanelen, een thuisbatterij of slimme sturing met dynamische tarieven gebruikt. Zelfs zonnepanelen of een klassieke thuisbatterij kunnen al een verschil maken. Publiek laden is meestal duurder, zeker bij supersnelladen, maar apps zoals Stroohm geven inzicht in de tarieven zodat je niet voor verrassingen komt te staan.
Minder onderhoud, minder terugroepacties
De energiekost is maar een kant van het verhaal. De totale eigendomskost, wat een wagen je echt kost over zijn hele levensduur, kantelt ook op andere vlakken richting elektrisch. Elektrische wagens hebben gemiddeld twee keer minder terugroepacties dan benzinewagens, zo blijkt uit de meest recente cijfers van ADAC, de Duitse automobilistenvereniging. Minder bewegende onderdelen betekent minder slijtage, minder herstellingen en minder onverwachte facturen.
Dat is goed nieuws, want de kosten voor onderhoud en herstellingen zijn de voorbije jaren flink gestegen. Sinds 2021 zijn die in de EU met 20 tot 27% duurder geworden. Verzekeringspremies stegen in dezelfde periode zelfs met 37%. De totale rekening voor een benzinewagen wordt dus zwaarder, terwijl die voor een elektrische wagen structureel lichter wordt.
Subsidies lopen terug, maar de batterijprijs daalt sneller
Veel mensen wachten nog op het juiste moment om over te stappen. Ze rekenen op subsidies die de aankoop goedkoper maken. Maar die subsidies worden in veel Europese landen al afgebouwd. Het goede nieuws: dat hoeft geen drempel te zijn.
Batterijprijzen zijn de voorbije 14 jaar met maar liefst 93% gedaald, van 1.474 dollar per kilowattuur in 2010 naar 108 dollar in 2024. Tegen 2030 verwacht Allianz Research een verdere daling naar 60 a 70 dollar/kWh. Op dat punt wordt een elektrische wagen in de meeste segmenten goedkoper dan een benzinewagen, zonder enige subsidie.
Bovendien groeit de tweedehandsmarkt voor elektrische wagens snel, dankzij een golf van voertuigen die van leasing terugkomen. Dat maakt elektrisch rijden ook voor wie geen nieuw voertuig wil kopen steeds toegankelijker.
Wat betekent dit voor jouw autoverzekering?
De vraag is niet meer of elektrisch rijden goedkoper wordt. De vraag is wanneer het voor jou de juiste keuze is. Dat hangt af van je rijgedrag, je woonsituatie, je budget en je verzekeringssituatie. Een elektrische wagen vraagt ook een andere aanpak qua verzekering: de batterij, de laadkabel, de hogere aanschafwaarde. Het zijn elementen die je goed wil afdekken.
Twijfel je of jouw huidige autoverzekering nog past bij een eventuele overstap? Praat er eens over met je verzekeringsmakelaar. Die bekijkt samen met jou wat de beste bescherming is voor jouw situatie, nu en in de toekomst.
Bron: Allianz Research rapport 'Automotive: Will the Middle East crisis supercharge EV momentum?' (mei 2026) — Guillaume Dejean, Hazem Krichene, Rozalia Papaioannou.
Veelgestelde vragen
Bij een benzineprijs van 2 euro/liter is rijden op elektriciteit 7 tot 8 keer goedkoper dan rijden op benzine voor een vergelijkbaar voertuig. Zelfs bij lagere benzineprijzen, bijvoorbeeld 1,50 euro/liter, blijft het verschil 5 tot 7 keer.
De gemiddelde West-Europese bestuurder wint 4 tot 5% koopkracht per jaar door over te stappen op een elektrische wagen. Dat komt neer op honderden tot meer dan duizend euro per jaar, afhankelijk van je rijgedrag. Bovendien kan je nog meer besparen als je thuis kan laden, bijvoorbeeld met zonnepanelen, een thuisbatterij of slimme sturing met dynamische tarieven.
Ja. Elektrische wagens hebben gemiddeld twee keer minder terugroepacties dan benzinewagens en minder bewegende onderdelen. Dat betekent minder slijtage, minder herstellingen en lagere onderhoudskosten.