Ingevolge de wet van 9 oktober 2023 tot vereenvoudiging van de opzeggingsregels voor verzekeringsovereenkomsten kwam er een herziening van het systeem toepasselijk in geval van wijziging van tussenpersoon door de cliënt. Dit systeem betreft sectorale afspraken zoals gemaakt door Assuralia en de Belgische organisaties van tussenpersonen (FVF, Feprabel, BZB-Fedafin en Becobra) en is van toepassing sinds 1 juli 2025.
Concreet maken de aangebrachte wijzigingen het mogelijk om binnen de niet-leven verzekeringen een onderscheid te maken tussen:
- Overeenkomsten die onderworpen zijn aan de nieuwe wettelijke termijn van twee maanden om zich tegen de stilzwijgende verlenging te verzetten: als het bericht ten minste twee maanden vóór de hoofdvervaldag van de overeenkomst werd verzonden, wordt het recht op het commissieloon op die vervaldatum aan de nieuwe tussenpersoon overgedragen.
- Overeenkomsten die niet onderworpen zijn aan de wettelijke termijn van twee maanden om zich tegen de stilzwijgende verlenging te verzetten: voor arbeidsongevallenverzekeringen bedraagt de termijn drie maanden en voor specifieke domeinen valt de termijn om zich tegen de stilzwijgende verlenging van de overeenkomst te verzetten onder de contractuele vrijheid van de partijen. Over het algemeen wordt hij op drie maanden vastgelegd. In deze gevallen moet het bericht van wijziging van tussenpersoon ten minste drie maanden vóór de hoofdvervaldag van de overeenkomst aan de verzekeraar worden gericht voor een overdracht van het recht op het commissieloon aan de nieuwe tussenpersoon op de vervaldatum.
- Gezondheidsverzekeringen: voor gezondheidsverzekeringen zijn de toepasselijke regels inzake het bericht van wijziging van tussenpersoon dezelfde als die voor de overeenkomsten die niet onderworpen zijn aan de wettelijke termijn van twee maanden om zich tegen de stilzwijgende verlenging te verzetten.